Twee soorten opslag, twee soorten energie
Een lithium-accu slaat elektriciteit op en kan die weer als elektriciteit leveren, voor elk apparaat. Een ijsbatterij slaat thermische energie op: koude en — via de warmtepomp — warmte. Dat lijkt beperkter, maar in de meeste gebouwen gaat 60 tot 80 procent van het energiegebruik nu juist op aan verwarmen en koelen.
De vraag is dus niet welke batterij beter is, maar welk deel van je energievraag je wilt verschuiven. Voor klimatisering is thermische opslag vrijwel altijd goedkoper per opgeslagen kilowattuur.
Kosten en levensduur
Per kilowattuur opslagcapaciteit is een ijsbatterij een fractie van de prijs van een lithium-accu. Water als opslagmedium kost vrijwel niets en degradeert niet: na twintig jaar en duizenden vries-dooicycli is de capaciteit nog exact hetzelfde. Een lithium-accu verliest capaciteit met elke cyclus en is na 10 tot 15 jaar doorgaans aan vervanging toe.
Ook de veiligheid verschilt: water kan niet in brand vliegen. Voor verzekeraars en gebouweigenaren is dat een steeds belangrijker argument.
Wanneer kies je wat?
Wil je je zonnestroom bewaren voor de televisie en de vaatwasser in de avond, dan heb je een elektrische accu nodig. Wil je goedkoop en duurzaam koelen en verwarmen, pieken in je stroomvraag afvlakken of netcongestie omzeilen, dan is de ijsbatterij de logische keuze.
In de praktijk combineren steeds meer eigenaren beide: een kleine accu voor het huishoudelijke deel en een ijsbatterij voor de klimaatinstallatie — samen goed voor maximale zelfconsumptie van zonnestroom.